'Lokale bouwstop' of 'bouwpauze' kan niet via beleidsmatig gewenste ontwikkeling (BGO)

'Lokale bouwstop' of 'bouwpauze' kan niet via beleidsmatig gewenste ontwikkeling (BGO)

De Beroepsvereniging van de Vastgoedsector (BVS), de Vlaamse Confederatie Bouw (VCB) en Bouwunie, maken zich zorgen over de 'lokale bouwstop' of 'bouwpauze' die steeds meer gemeenten recent hebben ingevoerd of nog plannen in te voeren. Hierdoor worden vastgoedprojecten effectief voor jaren bevroren, ook als ze gelegen zijn binnen de afgebakende stedelijke gebieden waar extra (woon)aanbod dient gerealiseerd te worden.

De drie federaties hebben zich als bondgenoot opgesteld van de Vlaamse regering in de voorgenomen 'bouwshift' (verhogen van ruimtelijk rendement op goed gelegen locaties) en de principes van de strategische visie van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (BRV). Maar de federaties kunnen geenszins meestappen in een verhaal waarbij sommige gemeenten via een lokale bouwstop de door de Vlaamse regering gewenste bijkomende ontwikkelingen in stedelijke gebieden voor jaren bevriezen.

De betrokken gemeenten nemen een dergelijke algemene maatregel via eenvoudige beslissing, meestal als een “beleidsmatig gewenste ontwikkeling" (BGO), en/of op basis van de exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad met betrekking tot de zaak van de wegenis bij vergunningen. Het kan evenwel niet de bedoeling zijn dat lokale besturen de BGO of de “zaak der wegenis” aangrijpen om de gewenste ontwikkelingen binnen de stedelijke gebieden jaren lam te leggen, zonder enig voorafgaandelijke participatie en inspraak.

De federaties zijn verheugd te vernemen dat het Departement Omgeving van de Vlaamse overheid nu op haar website een leidraad heeft gepubliceerd met betrekking tot het instrument van de beleidsmatig gewenste ontwikkelingen (BGO). Deze leidraad kan hier geraadpleegd worden. Het is duidelijk dat een BGO niet kan ingezet worden om reeds vastgelegde bestemmingsvoorschriften jaren buiten spel te zetten en systematisch vergunningen te weigeren die eenvoudig uitvoering geven aan die voorschriften.

Indien de betrokken gemeente niet akkoord gaat met de stedelijke afbakeningen en de erin opgenomen deelgebieden en bijhorende ontwikkelingsperspectieven, dient ze hiervoor hetzij het betrokken plan zelf in rechte aan te vechten, hetzij desgevallend in overleg te treden met de Vlaamse regering en/of de betrokken provincie over een mogelijke wijziging ervan volgens de geëigende procedures.

“Wij hopen dat de verduidelijkende leidraad van het Departement Omgeving het startschot vormt voor lokale besturen om onrechtmatige BGO’s  die een lokale bouwstop invoeren, zo spoedig mogelijk in te trekken en in ieder geval dergelijke BGO’s niet in te voeren. Dat zou ons veel negatieve energie en nutteloze juridische procedures besparen.” Olivier Carrette, Gedelegeerd Bestuurder UPSI-BVS

“De vastgoed-en bouwsector vormen de motor van onze economie.  Op een ogenblik dat alle regio’s en alle landen er alles aan doen om te herstellen van de COVID-19 crisis, is het een compleet verkeerd signaal om een lokale bouwstop in te voeren.” Marc Dillen, directeur-generaal van de VCB

“Indien gemeenten blijven vasthouden aan een lokale bouwstop, brengen ze hiermee ook de lokale welvaart en tewerkstelling in gevaar. Heel veel mensen zijn actief in de vastgoed- en bouwsector. Het spreekt voor zich dat een 'bouwstop' rampzalige gevolgen heeft voor de tewerkstelling in die sector.” Jean-Pierre Waeytens, gedelegeerd bestuurder van Bouwunie

Contacteer ons
Olivier Carrette Gedelegeerd Bestuurder UPSI-BVS
Olivier Carrette Gedelegeerd Bestuurder UPSI-BVS